Naar inhoud springen

Peter von Uslar

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Peter von Uslar
Uslar op een gravure van Ivan Pozjalostin
Uslar op een gravure van Ivan Pozjalostin
Persoonlijke gegevens
Volledige naam Pjotr Karlovitsj Oeslar
Geboortenaam Пётр Карлович Услар
Geboortedatum 1 september [O.S. 20 augustus] 1816
Geboorteplaats Koerovo, oejezd Vysjni Volotsjok, gouvernement Tver, Keizerrijk Rusland
Overlijdensdatum 20 juni [O.S. 8 juni] 1875
Overlijdensplaats Koerovo
Nationaliteit Keizerrijk Rusland
Beroep Militair ingenieur, generaal-majoor
Religie Russisch-orthodox
Handtekening Handtekening
Academische achtergrond
Alma mater Keizerlijke Militaire Academie
Wetenschappelijk werk
Vakgebied Kaukasuskenner, taalkundige, etnograaf
Instituten Petersburgse Academie van Wetenschappen
Erkenning en lidmaatschap
Lid van Russische Academie van WetenschappenBewerken op Wikidata
Links
Portaal  Portaalicoon   Rusland
Taal

Baron Peter von Uslar (Russisch: Пётр Карлович Услар Pjotr Karlovitsj Oeslar) (Koerovo, Keizerrijk Rusland, 1 september [O.S. 20 augustus] 1816 – aldaar, 20 juni [O.S. 8 juni] 1875) was een Russische generaal, ingenieur, taalkundige en etnograaf van Duitse afkomst, die van grote invloed is geweest vanwege zijn onderzoek naar en publicaties over diverse Kaukasische talen.

Levensbeschrijving

[bewerken | brontekst bewerken]

Peter von Uslar werd geboren op het landgoed Koerovo in het gouvernement Tver van in een familie van militairen; zijn grootvader was in 1765 vanuit Hannover naar het Russische Rijk geëmigreerd en daar toegetreden tot het leger van de tsaar. De jonge Peter studeerde in de jaren 1833-1836 militaire techniek en nam vervolgens deel aan de Kaukasusoorlog. Later voltooide hij zijn opleiding aan de Keizerlijke Militaire Academie in Sint-Petersburg, nam deel aan diverse militaire expedities en reisde ook door het buitenland. In 1850 werd hij in de Kaukasus gestationeerd, waar hij tot zijn dood in 1875 zou blijven. In 1851 werd hij lid van de Kaukasische afdeling van het Keizerlijk Russisch Genootschap voor Geografie en in 1856 stafchef van de gouverneur-generaal in Koetaisi. Vanaf 1862 had hij de rang van generaal-majoor.

Peter von Uslars Tsjetsjeense grammatica, uitgegeven in 1888

In 1858 kreeg hij het verzoek om de geschiedenis van de Kaukasus te gaan beschrijven. Tijdens het verzamelen van materiaal hiervoor raakte hij gefascineerd door de talen van de Noordelijke Kaukasus en Dagestan, die destijds nog geen geschreven traditie hadden en nagenoeg onbekend waren. Zijn jarenlange onderzoek naar de Noord-Kaukasische talen zou resulteren in uitvoerige grammaticale beschrijvingen en tweetalige woordenboeken.

Reeds in 1861 ontwierp Uslar een "Kaukasisch alfabet". Hij gebruikte hiervoor het cyrillische schrift, maar nam het Georgische alfabet als uitgangspunt, dat zich naar zijn mening eigenlijk beter leende voor de klanksystemen van de Noord-Kaukasische talen. De Georgische letters verving hij door Russische met een groot aantal toevoegingen, waarbij hij vooral gebruikmaakte van het Ossetische alfabet van Anders Sjögren uit 1844. Door het cyrillische schrift te gebruiken, hoopte hij de Kaukasische volken vertrouwd te maken met de Russische taal en cultuur.

Uslar moet op taalgebied over uitzonderlijke gaven hebben beschikt, want in relatief korte tijd wist hij zich het Abchazisch – een van de meest gecompliceerde Kaukasische talen – eigen te maken. In de jaren 1861-1862 schreef hij een uitvoerige monografie over deze taal, waarvoor hij ook het eerste Abchazische alfabet ontwierp. Evenals zijn latere werken bestond dit boek uit algemene informatie over de taal, een beschrijving van het alfabet en de grammatica, voorbeeldteksten (spreekwoorden, liederen en verhaaltjes) en een uitgebreide woordenlijst. Dit handgeschreven werk werd in 1862 in lithografische vorm uitgegeven. Vijfentwintig jaar later volgde postuum een typografische versie.

Het door Uslar ontworpen alfabet voor het Tabassaraans

Eveneens in 1862 creëerde Uslar samen met de Kabardijnse schrijver Oemar Bersejev een alfabet voor het Kabardijns en nog in hetzelfde jaar begon hij Tsjetsjeens te leren. Dit laatste leidde tot zijn tweede monografie, die uitkwam in 1863. Beide monografieën werden onderscheiden bij een concours van de Petersburgse Academie van Wetenschappen in 1863. In de jaren die volgden ging Uslar zich toeleggen op het bestuderen van de Nach-Dagestaanse talen, te beginnen met het Avaars, de grootste taal van Dagestan. Na een monografie (1863) over deze taal volgden er monografieën over het Lak ("Kazikoemoechs", 1864), het Dargiens ("Chjoerkiliens"), 1867) en het Lezgisch ("Kjoeriens", 1871).

In 1868 werd Uslar corresponderend lid van de Historisch-Filologische Faculteit van de Petersburgse Academie van Wetenschappen. In 1870 begon hij onderzoek te doen naar het Tabassaraans, dat volgens hem "van alle Dagestaanse talen de meeste problemen opleverde", maar door zijn vroegtijdige overlijden in 1875 slaagde hij er niet in zijn monografie over deze taal te voltooien. Uiteindelijk werd dit meer dan duizend bladzijden tellende werk pas in 1979 als facsimile gepubliceerd.

Naast bovenstaande talen liet Uslar ook minder uitgebreid materiaal na over andere talen, zoals het Svanetisch, het Oebychs en het Artsji. Veel van zijn werken zijn in de jaren 1880 en 1890 postuum in gedrukte vorm uitgegeven door het bestuur van de Kaukasische Studiekring. Naast werken over de Kaukasische talen publiceerde Uslar ook over etnografische en militaire onderwerpen.

Uslar geldt vanwege de grote invloed van zijn werk op het gebied van de Kaukasische talen als een van de grondleggers van de Kaukasische taalwetenschap en zijn geschriften, in veel gevallen de oudste bronnen over deze talen, hebben tot op heden hun waarde nog niet verloren.

Voornaamste werken

[bewerken | brontekst bewerken]

Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Услар, Пётр Карлович op de Russischtalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.