programmaleider
Uiterlijk
- Geluid: programmaleider (hulp, bestand)
- IPA: / proˈɣrɑmaˌlɛidər / (5 lettergrepen)
- pro·gram·ma·lei·der
- samenstelling van programma zn en leider zn
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | programmaleider | programmaleiders |
| verkleinwoord |
de programmaleider m
- (beroep) iemand die leiding geeft aan een project
- ▸ "In deze pilotfase testen we alle organisatorische en technische elementen", zegt Harriët van Veldhuizen, programmaleider invoering bevolkingsonderzoek darmkanker bij het RIVM. "Als het onderzoek in januari in heel Nederland begint, willen we niet voor verrassingen komen te staan."[1]
- ▸ De andere kandidaat, Heleen Weening, werkt bij kennisinstituut Nicis als programmaleider onderzoek. Binnen de partij is ze fractievoorzitter in de gemeenteraad in Den Haag.[2]
- Het woord programmaleider staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- ↑
Weblink bron NOS Nieuws“Pilot darmkankertest van start” (Dinsdag 3 september 2013, 06:21), NOS - ↑
Weblink bron NOS Nieuws“Kandidaatvoorzitters GroenLinks bekend” (Maandag 12 december 2011, 16:32), NOS
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 15
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 5 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Beroep in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal